Toedienen oxytocine bij bevalling vergroot kans op angst en depressie

Het toedienen van oxytocine vergroot de kans op depressie en angst in het eerste jaar na de geboorte. Dat is de conclusie van een Amerikaanse studie naar de relatie tussen het toedienen van synthetische oxytocine tijdens of direct na de bevalling en het optreden van depressies en angststoornissen in het eerste jaar na de bevalling.

De onderzoekers maakten gebruik van populatiedata van de Massachusetts Integrated Clinical Academic Research Database (MiCARD) verzameld tussen 2005 en 2014. In de studie zijn vrouwen die oxytocine toegediend kregen vergeleken met vrouwen die dit niet kregen. Er is gekeken of zij in het eerste jaar post partum gediagnostiseerd zijn met depressie en/of angst, of hier medicatie voor voorgeschreven hebben gekregen. Oxytocinetoediening was gebaseerd op de classificaties: inleiding, bijstimulatie, preventie of behandeling van fluxus (= nabloeding).

Verhoogde kans

Vrouwen met depressie of een angststoornis in de voorgeschiedenis (of medicatie tegen depressie of angst) en die tijdens of na de partus oxytocine toegediend kregen, hebben een verhoogde kans op depressie of angst in het eerste jaar post partum, wanneer er vergeleken wordt met vrouwen die geen oxytocine kregen. Ook bij vrouwen zonder depressie en angst in de voorgeschiedenis is er een verhoogde kans op het krijgen van een depressie of angststoornis in het eerste jaar post partum bij het gebruik van oxytocine. Bij uitsplitsing naar vaginale geboorte en sectio bleven de gevonden verbanden zichtbaar.

(bron: kennispoort-verloskunde.nl)